Op donderdagmiddag 24 mei organiseerde het Erfgoedhuis Zuid-Holland een bijeenkomst over het cultuurhistorische belang van sociale woningbouw in Zuid-Holland. De bijeenkomst vond plaats in het Scheltemacomplex in Leiden.

Na ruim een eeuw sociale woningbouw bestaan er in Nederland en in het bijzonder in Zuid-Holland sociale woningen die beeldbepalend zijn in steden en dorpen. Hoewel de wijkjes en wijken meestal niet beschermd zijn, vormen zij in architectonische zin en als woontype, mede het DNA van een gemeente. Tijdens deze middag werd kennis uitgewisseld over de omgang met de kwaliteiten van dit bouwtype.

Drie deskundigen gaven hun ervaring en of visie op de omgang met sociale woningen. Sinds de invoering van de woningwet in 1902 t/m de jaren negentig van de vorige eeuw heeft dit woontype zich ontwikkeld van kleinschalige, individuele bouwprojecten tot grote aantallen op elkaar gestapelde arbeidersflats in de jaren vijftig en zestig. Er wordt gekeken hoe met dit woontype in de toekomst kan worden omgegaan. Kan men de sociale woning als bouwtype respectvol renoveren of herontwikkelen en herbestemmen?

De sprekers waren Anne Loes Nillesen (architect en stedenbouwkundige bij bureau Defacto), Pieter Haeften (beleidsmedewerker gemeente Bodegraven-Reeuwijk) en Marco Breur (sociaal projectbegeleider De Sleutels).Marianne van de Anker (oud-wethouder van Rotterdam) was op deze bijeenkomst de moderator en dagvoorzitter. De middag werd ingeleid door gedeputeerde Rik Janssen van provincie Zuid-Holland.